maandag 5 september 2011

Beelddenken en dyslexie

Beelddenken is denken in beelden en gebeurtenissen, niet in woorden en begrippen. Het kan omschreven worden als ruimtelijk denken, waarbij visuele, auditieve en zintuiglijke informatie tegelijkertijd worden verwerkt. Daardoor overziet een beelddenker snel het geheel. Dit verschilt van taaldenken: bij het denken in woorden is sprake van volgorderlijke verwerking. Het is een analytische vorm van denken: het een volgt op het ander. Een voordeel van beelddenken is dat een beelddenker veel meer informatie veel sneller kan verwerken dan een taaldenker. Een nadeel is dat een beelddenker moeite kan hebben met het ‘vinden’ van de woorden die bij het plaatje horen. Dit kan resulteren in bijvoorbeeld leesproblemen. Alhoewel dyslexie en beelddenken vaak in één zin genoemd worden, betekenen beide begrippen niet hetzelfde. Dyslexie is een neurologische stoornis, waarbij beide hersenhelften niet goed samenwerken. Beelddenken is een oorspronkelijk denkproces waarbij het visuele leersysteem de voorkeur heeft. Het is dus geen stoornis, maar een voorkeursdenken. Een beelddenker kan wel symptomen van dyslexie vertonen, waardoor beide verschijnselen niet altijd worden onderscheiden.

Historie beelddenken
 
De term ‘beelddenken’ ontstaat al in de jaren ’30 in Nederland. Ondanks de inspanningen van de bedenkster van de term, pedagoge Maria J. Krabbe (zie kader) en – na haar – pedagoge Nel Ojemann krijgt het begrip geen vaste voet aan de grond in Nederland. Tijdens het eerste landelijke dyslexiecongres te Nijmegen (1984) houdt Ojemann een lezing over de problematiek van dyslexie. Uit de vele reacties blijkt een dringende behoefte te bestaan bij ouders van dyslectische kinderen. Ojemann sticht vervolgens de Maria J. Krabbe Stichting (1985) op en publiceert haar boek Woordblindheid en beelddenken, compensatie, correctie, preventie.
Bijna gelijktijdig vindt in Amerika een andere ontwikkeling plaats. Ronald Davis (1937) richt in 1982 het Davis Dyslexia Correction Center op. Het doel is om individuele correctieprogramma’s aan te bieden aan kinderen en volwassenen met leerproblemen. Davis, beelddenker en dyslectisch, werd aanvankelijk gediagnosticeerd als autistisch en zwakzinnig. Tot zijn zeventiende jaar spreekt Davis nauwelijks. De man die pas op zijn 38e zijn eerste boek uitleest, verrast vriend en vijand als blijkt dat hij een IQ van 169 heeft. Davis ontwikkelt vervolgens vanuit zijn eigen ervaring een methode waarmee kennelijk niet alleen problemen met dyslexie, maar ook problemen op het gebied van ADD/ADHD, dyscalculie, dyspraxie, handschrift, rekenen, coördinatie en communicatie gecorrigeerd kunnen worden. Hij publiceert twee boeken: De gave van dyslexie en De gave van leren.

Lees hier verder

Bron: tijdschrift-talent.nl

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen