maandag 1 september 2014

Passend onderwijs voor elk kind

Alle leerlingen moeten een plek krijgen op een school die past bij hun kwaliteiten en hun mogelijkheden. Dit is het uitgangspunt van passend onderwijs. Doel is om elk kind uit te dagen het beste uit zichzelf te halen. 

Doelen passend onderwijs

Met de invoering van passend onderwijs wil de overheid bereiken dat:
  • Alle kinderen een passende plek in het onderwijs krijgen.
  • Als het kan gaat het kind naar een reguliere school. Als dat niet kan, in het speciaal onderwijs. 
  • Scholen meer mogelijkheden krijgen voor ondersteuning op maat.
  • De mogelijkheden en de onderwijsbehoefte van kind bepalend zijn, niet de beperkingen.
  • Kinderen niet meer langdurig thuis komen te zitten.

Zorgplicht: altijd een passende plek voor een leerling

Sinds 1 augustus 2014 hebben scholen een zorgplicht. Dit houdt in dat de school een passende plek moet zoeken, als uw kind extra ondersteuning nodig heeft. Er zijn 3 mogelijkheden:
  • een aanbod op de eigen school (de school van aanmelding);
  • een aanbod op een andere reguliere school;
  • een aanbod op een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs.
Met de zorgplicht wil de overheid voorkomen dat kinderen thuis komen te zitten, omdat er geen passend onderwijsaanbod voor ze is.

Basisondersteuning: begeleiding op elke school

Scholen moeten in ieder geval de basisondersteuning bieden. Dit is de ondersteuning die alle scholen binnen het samenwerkingsverband (in de regio) bieden. De scholen in het samenwerkingsverband maken hierover onderling afspraken. Het gaat bijvoorbeeld om hulp voor leerlingen met dyslexie, aanpak (ter voorkoming van) gedragsproblemen en extra begeleiding aan leerlingen die een meer of minder dan gemiddelde intelligentie hebben. De kwaliteit moet voldoen aan de normen van de onderwijsinspectie.

Extra begeleiding en ontwikkelingsperspectief

Naast de basisondersteuning bieden sommige scholen extra begeleiding aan leerlingen. Het is ook mogelijk dat er een aparte voorziening in de school wordt ingericht. Denk bijvoorbeeld aan een speciale klas voor leerlingen met autisme.
De school maakt een ontwikkelingsperspectief voor alle leerlingen die begeleiding krijgen bovenop de basisondersteuning. Hierin beschrijft de school de onderwijsdoelen voor die leerling. Welk niveau kan uw kind behalen en welke ondersteuning heeft hij of zij daarbij nodig? De school overlegt met u over de invulling van het ontwikkelingsperspectief.
Met de invoering van het ontwikkelingsperspectief wil de overheid de kwaliteit van de extra begeleiding in het onderwijs waarborgen.

Passend onderwijs geen bezuiniging



De invoering van passend onderwijs is geen bezuinigingsmaatregel. Het budget blijft landelijk hetzelfde, maar wordt wel anders verdeeld over de regio’s. Het geld gaat naar de regionale samenwerkingsverbanden, waarin de scholen in een regio samenwerken. Per leerling ontvangen zij geld voor extra ondersteuning. Zij verdelen het geld over de scholen in hun regio om de ondersteuning aan leerlingen te kunnen bieden. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen