maandag 18 oktober 2010

Ward De Spiegelaere vindt zijn dyslexie achteraf gezien een zegen

'Domste van de klas' wordt doctor in diergeneeskunde

Ward De Spiegelaere is zwaar dyslectisch maar werkte zich dankzij een vroege diagnose en doorgedreven hulp op tot een excellent wetenschapper. 'Omdat ik zogezegd mijn naam nog niet kon schrijven, raadde de school mij beroepsonderwijs aan. Uit onwetendheid.'
Ward De Spiegelaere (28) werkt al vijf jaar als bioloog aan de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Gent. Momenteel legt hij de laatste hand aan zijn doctoraat. Een succesverhaal voor iemand die als dyslecticus steevast 'de domste van de klas' werd genoemd.

Misvattingen

'Er doen zoveel misvattingen over dyslexie de ronde', zegt Ward. 'We zouden qua intelligentie minderwaardig zijn. Dyslexie zou op te lossen zijn door pillen te nemen of door een goeie bril te kopen waardoor de letters minder zweven. Allemaal fout. Het belangrijkste is dat je geholpen wordt en met dyslexie leert leven. Vergelijk het met iemand die zijn been kwijt is. Hij kan met een prothese leren leven, maar daarmee heeft hij zijn been nog niet terug. Ik ben nog altijd dyslectisch, maar ik heb het leren compenseren.' Dyslexie is een leerstoornis die zich enkel manifesteert in problemen met geschreven taal. 'In het lager onderwijs heb ik nooit lettergrepen kunnen splitsen. Als ik iets moet neerschrijven, breekt het zweet me uit. Als iemand op straat vraagt hoe laat het is, blokkeer ik omdat ik weet dat ik mijn uurwerk soms niet kan lezen. Aan het einde van het zesde leerjaar raadde men me aan beroepsonderwijs te doen. Mijn ouders beseften dat er meer in mij zat en ze hebben professionele hulp gezocht.' Ward gaat twee jaar naar een school voor begaafde leerlingen met een leerstoornis. 'Dat heeft me enorm geholpen. Ze gebruiken er speciale didactische methodes en schaven aan je zelfvertrouwen.' Daarna ben ik ASO gaan doen en gingen mijn resultaten in stijgende lijn. Bij dyslectici is er een omgekeerd watervalsysteem: je wordt almaar beter. Aan de unief ging ik voor het eerst graag naar de les: de inhoud primeerde op het taaltechnische. Ik heb er nooit problemen gehad, integendeel.'

In zijn job als wetenschapper vindt hij zijn dyslexie nuttig. 'Dyslectici denken out of the box. Ze zijn altijd geconfronteerd geweest met meer problemen dan anderen en zijn daarom goeie probleemoplossers. Maar zonder spellingscontrole zou mijn doctoraat wel gigantisch veel taalfouten bevatten. Misschien moeten we in het onderwijs wat meer nadruk leggen op de inhoud dan op het taaltechnische. Het zou alvast zorgen dat de 15 procent dyslectici in Vlaanderen niet meteen worden afgeschreven in de lagere school.'

Bron:Nieuwsblad .be

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen